2024/10/01 geplaatst in Energie

Ook Decolegno zet ’s nachts hun licht uit – Campagne Zaanstad doe(t) het licht uit

Samen met negen andere Zaanse bedrijven, doet Decolegno mee aan de campagne ‘Zaanstad doe(t) het licht uit’. De campagne heeft als doel om bewustwording te creëren over lichtvervuiling en energieverspilling. Tijdens een rondgang in maart fotografeerde Green Business Club Zaanstad diverse bedrijven waar nog verlichting brandde, waaronder Decolegno, een groothandel in maatwerk interieuroplossingen gevestigd in Westzaan.

Nadat Green Business Club Zaanstad Decolegno een foto van hun pand stuurde met de uitnodiging om mee te doen aan deze campagne, twijfelde financieel directeur Guido Hofman geen moment:

“Dit is een mooie kans om te laten zien dat wij duurzaamheid serieus nemen en actief maatregelen treffen.”

Hoe staat Decolegno er nu voor?
Guido Hofman: “Ons hoofdkantoor, dat twee jaar geleden is gebouwd, voldoet aan de nieuwste duurzaamheidsnormen en heeft een hoge GPR-certificering behaald. Op alle vijf beoordelingsonderdelen, zoals isolatie, toekomstwaarde van materialen, installaties, LED-verlichting en gasloos functioneren, scoren we een ruime 8. Bovendien wekken 140 zonnepanelen op ons dak een deel van onze energiebehoefte duurzaam op.”

Ook op transportgebied neemt Decolegno stappen: “Ons wagenpark bestaat nu voor 70% uit elektrische voertuigen en we vervoeren goederen van Italië naar Nederland zoveel mogelijk per trein. Dit levert aanzienlijke besparingen op in zowel kosten als CO2-uitstoot. Daarnaast werken we aan de duurzaamheid van onze materialen en leveranciers. Steeds meer van onze producten zijn voorzien van een Life Cycle Assessment (LCA) of een productpaspoort, en we dringen erop aan dat onze leveranciers dit ook implementeren. Hoewel het nog niet volledig is gerealiseerd, zetten we hier vol op in.”

Hoe zit het nu met de verlichting?
“Na de campagne hebben we direct actie ondernomen. We hebben tijdschakelaars geïnstalleerd, zodat het licht nu automatisch uitgaat tussen middernacht en 6 uur ’s ochtends. De buitenverlichting van onze lichtreclame blijft momenteel nog aan, maar daar komt over twee weken ook een tijdschakelaar bij. Zo zorgen we ervoor dat straks 99,9% van onze verlichting ’s nachts uitstaat. Dit draagt bij aan een verdere vermindering van ons energieverbruik.”

Toekomstplannen
Decolegno blijft investeren in duurzaamheid. “Als bedrijf hebben we al veel geïnvesteerd om onze milieu-impact te verlagen. Ons doel is om zo veel mogelijk duurzame producten in ons assortiment te hebben. We gaan het gesprek aan met onze leveranciers en overwegen de inname van gebruikte en afgedankte materialen. Samen met de branchevereniging CBM verkennen we hoe we restmaterialen opnieuw kunnen inzetten.”

Tip: Wellicht is het interessant om bij een lokale netwerkorganisatie aan te sluiten, bijvoorbeeld Green Business Club?

Uitdagingen op weg naar net zero
Er liggen echter nog uitdagingen op de weg naar volledige duurzaamheid. “Een van de grootste uitdagingen is het gebruik van spaanplaat,” zegt Guido. “Hoewel het hout voor 80% gerecycled is, is de lijm die gebruikt wordt minder milieuvriendelijk. Dit maakt het lastig om volledig duurzaam te produceren.”

Ook logistiek blijft een aandachtspunt. “Ons transport naar klanten wordt verzorgd door externe vervoerders, die nog gebruikmaken van dieselvrachtwagens. Hoewel we onze logistiek al hebben geoptimaliseerd om de CO2-uitstoot te verminderen, blijven we zoeken naar duurzamere oplossingen.”

Conclusie
Door mee te doen aan ‘Zaanstad doet het licht uit’, zet Decolegno opnieuw een belangrijke stap richting energiebesparing. Met eenvoudige maatregelen zoals het installeren van tijdschakelaars, toont het bedrijf dat zelfs kleine aanpassingen een groot verschil kunnen maken – zelfs in een pand dat al duurzaam is gebouwd.

“Daar doen we het voor,” zegt Bibi Looijestijn, projectleider bij Green Business Club Zaanstad. “Ons doel is om ondernemers te inspireren en te motiveren voor een duurzame toekomst. Samen laten we zien dat verduurzaming binnen bereik ligt voor elk bedrijf, en we hopen dat steeds meer organisaties dit voorbeeld zullen volgen.”