Terugblik: Kennissessie duurzaam inkopen
Op 28 oktober kwamen ondernemers, facility managers en duurzaamheidsmanagers digitaal samen voor de kennissessie “Duurzaam Inkopen”, een kennissessie als onderdeel van het programma Zero-waste van Green Business Club Amsterdam Sloterdijken, Green Business Club Zaanstad, en participant MilieuServiceNederland (MSN). De inhoud van de sessie is te danken aan Phi Factory en De Tweede Jeugd.
De centrale boodschap? Inkopen is geen kostenpost, maar een strategische hefboom richting zero-waste.
Van afval naar grondstof: hoe inkoopkracht de circulaire economie versnelt
We overschrijden jaarlijks de grens
De Earth Overshoot Day – het moment waarop we meer grondstoffen hebben verbruikt dan de aarde in een jaar kan regenereren, valt inmiddels steeds vroeger in het jaar. Wat decennia geleden nog in oktober gebeurde, vindt nu al voor juli plaats. Die verschuiving maakt het pijnlijk duidelijk: de lineaire economie (nemen-maken-weggooien) is geen houdbaar model.
Marije Huijser van Phi Factory schetste tijdens de sessie het plaatje: “We moeten van een lineair systeem naar een gesloten kringloop. Dat betekent ook minder afval, maar vooral afval als grondstof herkennen.” Of het nu gaat om een bureaustoel, een hotelbed of de verpakkingen van de dagelijkse kantoorlunch: elk product dat je inkoopt heeft impact op die kringloop.
Voor ondernemers in Sloterdijk en Zaanstad is dit geen abstracte boodschap. Bedrijventerreinen kampen met groeiende afvalstromen, stijgende verwerkingskosten en steeds strengere wet- en regelgeving rond circulariteit. De vraag is niet óf je iets moet doen, maar hóe je het slim aanpakt.
Inkoopkracht
Het kernpunt van de sessie was inkoopkracht. Niet als een synoniem voor ‘goedkoop inkopen’, maar als het vermogen van een organisatie om keuzes te maken die verder kijken dan de aankoopprijs. Huijser: “Inkoopkracht draait om levensduur, reparatie, hergebruik en circulariteit. Dat verankeren in je inkoopproces, daar zit échte waarde.”
Denk aan criteria als:
- Modulaire constructie: zijn onderdelen vervangbaar zonder het hele product weg te gooien?
- Reparatiemogelijkheden: kan de leverancier onderhoud en reparatie bieden?
- Terugname en refurbishment: neemt de leverancier het product aan het einde van de levensduur terug?
Door deze eisen standaard in aanbestedingen en inkoopspecificaties op te nemen, wordt duurzaamheid geen bijzaak meer; het wordt het uitgangspunt.
Benjamin Namane van De Tweede Jeugd vult aan: “Als je leveranciers uitdaagt met de vraag ‘Hoe kom jij hoger op de R-ladder?’, dan ga je het gesprek aan. Dan verschuif je van ‘wat kost het?’ naar ‘wat levert het op?'”
Kaders scheppen vrijheid: waarom spelregels keuzestress verminderen
Een verrassende insteek in de sessie was de rol van gedrag en menselijke besluitvorming. Onderzoek toont aan dat té veel keuzevrijheid juist leidt tot keuzestress en inconsistente beslissingen. Door vooraf heldere kaders te stellen; bijvoorbeeld “minimaal 30% van ons meubilair moet modulair zijn” of “leveranciers moeten een circular business model aantonen”, maak je de beslissing eenvoudiger.
Huijser legt uit: “Als gemak en prijs niet meer leidend zijn, maar je werkt met duidelijke doelen en spelregels, dan worden keuzes consistenter. Je hebt een kompas.” Dat verkleint niet alleen de keuzestress bij inkopers, maar zorgt er ook voor dat je organisatie consequent handelt in lijn met je zero-waste ambitie.
Stop met elke inkoop opnieuw te bekijken als een losstaand besluit.
Maak één keer het beleid helder en vertaal dat naar standaard inkoopvoorwaarden. Dat bespaart tijd, geld én hoofdbrekens.
De R-ladder: van recycle naar rethink
Een belangrijk hulpmiddel bij duurzaam inkopen is de R-ladder. Deze ladder loopt van ‘Refuse’ (weiger, heb je dit product überhaupt nodig?) via ‘Reduce’, ‘Reuse’ en ‘Repair’ tot aan ‘Recycle’ en ‘Recover’ onderaan. Hoe hoger op de ladder, hoe circulairder je handelt.
De meeste organisaties zitten nog vast op de onderste treden: recyclen of verbranden met energieterugwinning. Maar de échte impact zit hoger: producten herontwerpen (Rethink), spullen delen in plaats van bezitten (Reuse), en reparatie de norm maken (Repair).
Huijser geeft een praktijkvoorbeeld: “Stel, je koopt bureaustoelen. Traditioneel bestel je ze, gebruik je ze een jaar of acht, en dan gaan ze naar de afvalcontainer. Maar wat als je kiest voor een modulair model waarbij de bekleding, zitting en het onderstel allemaal los vervangbaar zijn? Dan kun je na acht jaar alleen de versleten onderdelen vervangen. Of je kiest voor een lease-model waarbij de leverancier eigenaar blijft en verantwoordelijk is voor onderhoud en refurbishment. Zo verschuif je van ‘wegwerpen’ naar ‘doorgebruiken’.”
Die verschuiving vraagt wel iets van je leveranciers. Namane: “Daag ze uit. Stel de vraag: hoe kom jij hoger op die R-ladder? Sommige leveranciers hebben die diensten al, maar wachten tot klanten erom vragen. Door het te vragen, creëer je vraag maar ook aanbod.”
Praktijkcasus: meubilair als startpunt
Meubilair – bureaustoelen, vergadertafels, bedden in hotels – is een ideale testcase voor circulair inkopen. Bijna elke ondernemer heeft ermee te maken, de impact is tastbaar, en er zijn al volop circulaire alternatieven beschikbaar.
Huijser schetst de concrete stappen:
- Inventariseer je huidige situatie
Hoeveel meubilair vervang je jaarlijks? Wat gebeurt er met de oude spullen? Wat kost afvoer en verwerking? - Stel nieuwe inkoopvoorwaarden op
Voeg criteria toe zoals: “Product moet modulair zijn” of “Leverancier biedt take-back-systeem”. Vraag leveranciers expliciet naar reparatiemogelijkheden en levensduur. - Test het met een pilotproject/pilotproduct
Begin klein: vervang bijvoorbeeld eerst alleen de stoelen in één afdeling. Meet het resultaat: lagere afvalkosten? Langere levensduur? Tevredenheid van gebruikers? - Evalueer en schaal op
Vier je successen intern. Deel de business case met collega’s en bestel bij succes circulair meubilair voor de hele organisatie. - Betrek je interne stakeholders
Inkoop, facility, vastgoedbeheer, finance… ze moeten allemaal mee. Circulariteit is geen solo-exercitie maar een teamsport.
Vier successen
Een opvallende rode draad in de sessie: vier je successen. Huijser benadrukte meerdere keren dat organisaties te weinig stilstaan bij wat wél lukt. “Als je een circulaire pilot hebt gedraaid en het werkt, vertel het dan breed. Maak er een intern nieuwsbericht van. Laat zien wat het heeft opgeleverd in euro’s, kilo’s afval en tevredenheid. Dat motiveert en inspireert anderen om ook stappen te zetten.”
Een mooi voorbeeld van zo’n circulaire keten kwam van Benjamin Namane van De Tweede Jeugd. Zijn bedrijf maakt duurzame tosti’s van restbrood van biologische bakkers. “Acht jaar geleden ontdekten we dat bakkers standaard overproductie hebben; als je uitverkocht bent om 16:45 uur en iemand komt binnen, gaat die naar een andere bakker. Dus bakkers maken bewust wat extra brood, alleen kunnen ze dat de volgende dag niet meer verkopen.”
Die reststroom – gemiddeld 5% van de dagproductie, werd het startpunt. De Tweede Jeugd verwerkt dat restbrood in hoogwaardige tosti’s, waarbij zelfs de zijkanten die te klein zijn voor tosti’s naar varkensboeren gaan als veevoer. “Het brood dat we nu gebruiken bevat zelf 20% verwerkt restbrood – onze bakker verwerkt zijn eigen reststromen weer in het nieuwe deeg. Zo ontstaat een gesloten kringloop.” De groenten komen van Instock, een circulaire groothandel die ’te grote’ of ’te kleine’ groenten van reguliere telers opkoopt en verkoopt.
Bekijk de website en meer informatie over De Tweede Jeugd via deze link.
De Supertosti’s met zes maanden houdbaarheid zijn het geweldige resultaat van een businessmodel dat draait op reststromen. Namane tipt: “Begin met één ding. Wij begonnen met brood. Nu hebben we een heel ecosysteem.
Geen excuses, wel actie
Een krachtige boodschap van de middag kwam van Eva Krul, die de sessie afsloot: “Er zijn gelukkig inmiddels steeds meer inspirerende voorbeelden, maar pak het onderwerp nu ook zelf beet. Ook al is het maar één kleine reststroom of iets heel praktisch zoals meubilair wat Marijne van Phi Factory noemde. Bedenk met je eigen organisatie: wat willen wij eigenlijk? Ga vervolgens met je leveranciers in gesprek en kom samen tot een plan. Ga stappen zetten.”
Dat is de essentie: je hoeft niet meteen een volledig circulair businessmodel te hebben. Begin met één productgroep.
Stel kaders. Daag leveranciers uit. Meet resultaat. Schaal op.
Wil je met duurzaam inkopen aan de slag? Dit zijn je eerste stappen:
Direct toepasbaar:
- Kies één productgroep (meubilair, verpakkingen, ICT) als pilot
- Stel minimaal drie circulaire inkoopvoorwaarden voor deze productgroep op
- Plan een gesprek met je huidige leverancier: “Hoe kom jij hoger op de R-ladder?”
- Betrek collega’s van inkoop, facility en finance bij het opstellen van het plan
Voor de middellange termijn:
- Volg de training Duurzaam Inkopen van Phi Factory (https://phifactory.com/nl/circulair-inkopen/circulair-inkopen-training)
- Sluit je aan als participant bij GBC Sloterdijken. En zorg dat je erbij bent op het GBC Eindejaarscafé op 20 november om ervaringen uit te wisselen met andere ondernemers en omde heerlijke tosti’s van De Tweede Jeugd te proeven!
(https://greenbusinessclub.nl/sloterdijken/agenda/gbc-eindejaarcafe/)
Voor de lange termijn:
- Ontwikkel een organisatiebrede circulaire inkoopstrategie
- Werk samen met andere bedrijven op je bedrijventerrein voor collectieve inkoop
- Deel je succesverhalen
Meer weten over duurzaam inkopen of deelnemen aan één van de vervolgsessies binnen het programma Zero-waste van GBC Amsterdam Sloterdijken en GBC Zaanstad?
Neem contact op via sloterdijken@greenbusinessclub.nl of volg ons op LinkedIn om op de hoogte te blijven van nieuwe kennissessies.
Green Business Club Amsterdam Sloterdijken en Green Business Club Zaanstad zijn lokale impactorganisaties die ondernemers helpen verduurzamen door middel van kennisdeling, netwerkopbouw en collectieve projecten. Het Zero-waste programma ondersteunt bedrijven bij de transitie naar een circulaire economie met concrete handvatten en best practices



